naar de Art-abstract thuispagina
  over Art-abstract
  het werk van de kunstenaars
  artikelen over de kunstenaars
  foto's van exposities
  verfijnd zoeken
   
  kopen en huren
  bedrijven
   
  citaten uit de
abstracte kunst
  artikelen over
abstracte kunst
  nieuws(brief) toesturen
  contact
         
  Cremer, Jan (1940)  

     Nederlands/Belgisch

     Internationaal

 
     
  Wij zijn de woeste wolven. Wij lachen om de oude beschimmelde gefortuneerde heren, die zorgvuldig de verf van hun vingers wrijven, hun bedroefde bril oppoetsen, sterven.

We hebben genoeg van hun verfijnde kleurengamma's. Het is allemaal rotzooi, esthetica.. Ik sodemieter verf op een doek, ik druip, spat, sla schop, ik vecht met verf, soms win ik.

Ik ga op een paar meter afstand van mijn doeken staan en dan smijt ik de verf, zo uit de bus ertegenaan, De verf die eraf wil lopen zet ik vast met gips. Een kwast gebruik ik nooit. Dat is ouderwets. Het is een trefzeker systeem als je het onder de knie hebt.

Ik schilder niet volgens een idee, want ideeen zijn waardeloos. Ik wil alleen maar lekker verven; ik ben toch immers een gewone jongen en al die flauwekul van kunst en hogere ideeen kan me gestolen worden.

over zijn vijfluik: de Japanse oorlog Die spetters zijn mitrailleurschoten, het rood is bloed en de vlag is links zichtbaar.. ..neem nu dat doek Nanacht. Gemakkelijk uit te leggen: ondergaande nacht, daar is de zee, daar is het strand, daar de nacht die achter de stad hangt en wijken moet voor het daglicht. De nacht fascineert me.

Het strijken van het penseel is een genot, het werken met kleur is een genot, geen groter genot dan kleur, om met blauwen te werken, de donkere schaduwen van de nacht, blauw, de erotische kleur, naast rood, mijn kleur.